Wat zoek je?

Gietijzeren potten en pannen

Duik jij dit najaar de keuken in? Er is waarschijnlijk geen enkel seizoen waarin zo enthousiast gekookt wordt als de herfst. En dat vinden we ook bij CASA meer dan terecht. De temperaturen worden wat frisser, de rekken van de supermarkt liggen weer vol met de lekkerste groenten van het najaar en we verlangen steeds meer naar een bord comfort food om ons helemaal te verwarmen. En dus kiezen we massaal voor grote ketels soep, bakken we de lekkerste zoete zondes en gaan we aan de slag met de sterren van het najaar: stoofpotjes!

Maar wist je dat die hartverwarmende gerechten nóg lekkerder worden in een gietijzeren pot, pan of schaal? Wij leggen je uit waarom én hoe je die gietijzeren potten goed kunt verzorgen, zodat je er nog jaren van kunt genieten.

Bon appétit!

 

Waarom kiezen voor gietijzeren potten en pannen?

De keuze voor een gietijzeren pot is niet altijd zo snel gemaakt. Op het eerste zicht denk je misschien dat het gewoon een wat zwaardere en loggere versie is van een standaard kookpot. Niet bepaald handig, of toch? Wel dus!

Gietijzeren potten en pannen zijn inderdaad een pak zwaarder dan we gewend zijn van moderne kookpotten, maar dat gewicht hebben de potten te danken aan het bijzondere materiaal. En net dankzij de dikte en het stevige metaal, wordt de warmte in een gietijzeren pot gelijkmatig verspreid en erg lang vastgehouden.

Dat is ideaal voor bereidingen die iets meer tijd nodig hebben, zoals bijv. stoofpotjes die langere tijd mogen sudderen. Bovendien kunnen gietijzeren potten en pannen meestal ook in de oven gebruikt worden. Zo kan je eventueel een bereiding op het vuur en in de over combineren. Ten slotte zijn het zowat de meest duurzame potten die er bestaan. Dankzij het zware en vormvaste materiaal gaat zo’n pot – mits de juiste verzorging – een leven lang mee.

Tip: gietijzeren potten komen op zowat alle soorten kookvuren van pas, ook op een inductievuur. Voor inductie is het belangrijk dat de bodem van magnetiseerbaar materiaal gemaakt is. Dat is voor zowat alle gietijzeren pannen het geval, maar je kan het eenvoudig testen door er een klein magneetje tegenaan te houden. Als het blijft plakken, dan is het materiaal dus geschikt voor inductie. Daarnaast geldt: hoe dikker de bodem, hoe beter, want bij inductie moet de warmte gelijkmatig verdeeld worden. Dan zit je met een gietijzeren pot dus zeker goed.

Hoe moet je een gietijzeren pot of pan onderhouden?

First things first: wanneer je een nieuwe pot koopt, dan zitten er vermoedelijk instructies voor het onderhoud bij van de producent. Lees die eerst grondig door en dan ben je waarschijnlijk al een heel eind op weg.

Je kunt een nieuwe pan meteen beginnen gebruiken, maar probeer de eerste keren iets klaar te maken dat veel vet afgeeft, zoals gerechten met gehakt, spek, kip met vel ... Het vet van de gerechten zorgt voor een soort natuurlijke beschermlaag, waardoor je ingrediënten de volgende keer nog minder snel zullen aanbakken.

Let wel op dat je de pan eerst goed warm laat worden, voor je de ingrediënten toevoegt. Gebruik je pan regelmatig, zodat het ‘vetlaagje’ aanwezig blijft. Of je het nu gelooft of niet: gietijzeren pannen worden beter wanneer je ze vaak gebruikt.

Dit geldt zeker voor de gietijzeren pannen zonder geëmailleerde binnenkant. Voor hen kan je zelfs nog een extra voorzorgsmaatregel nemen om er zeker van te zijn dat je een goed vetlaagje hebt gevormd.

Doe de eerste keer gewoon een bodempje plantaardige olie in de pan en laat ze op een middelhoog vuur warm worden tot de olie lichtjes begint te roken. Daarna haal je de pan van het vuur en giet je de olie weg. Wanneer de pan afgekoeld is, veeg je ze schoon met keukenpapier. Herhaal dit af en toe, zodat het olielaagje zeker niet verdwijnt.

Zet je gietijzeren pan na gebruik ZEKER NIET in de vaatwasser.

Hoewel het volgens sommige fabrikanten toch mogelijk is om je pot door een machine te laten afwassen, raden we het je toch ten stelligste af. Spoel je pan na gebruik gewoon uit met warm water en droog af met een zachte doek of keukenpapier.

Dat is het makkelijkste wanneer de pan nog een beetje warm is. Maak de pan bovendien alleen schoon met een zachte afwasborstel of een houten lepel. Heb je toch nog wat aanbaksels? Zet de pan met wat water op het vuur en breng zachtjes aan de kook. Probeer daarna de aanbaksels met een houten of plastic spatel weg te schrapen. Of geef je pan een natuurlijke scrubbeurt met een beetje zout.

Blijf – zeker voor pannen zonder geëmailleerde laag – weg van zeep, want die breekt het natuurlijke vetlaagje in je pan weer af.

Let op: zuurhoudende ingrediënten kunnen de vetlaag in je pan aantasten. Probeer in een pan zonder geëmailleerde laag daarom nooit lang een tomatensaus te laten pruttelen. Want die zou op den duur wel eens naar metaal kunnen smaken of de pan kan op langere termijn gaan roesten.

Is je pan toch een beetje verroest? Dan kan je het gemakkelijk weghalen wanneer je de pan verwarmt. Schraap voorzichtig de roest laagje voor laagje weg, met behulp van een ijzeren lepel. Bak de pan daarna opnieuw in met een laagje olie, zodat ze weer een beschermingslaag heeft.

En wat serveren we bij de stoofpotjes?

Er valt natuurlijk nog meer te kokkerellen dan stoofpotjes tijdens de najaarsmaanden. We geven je met plezier nog wat extra inspiratie mee:

Zorg voor evenwicht en vul je wat zwaardere ovenschotel aan met een fris slaatje. Snel wassen, de slazwierder in en serveren met een beetje olie, azijn, peper en zout.

Dé truc voor een onweerstaanbaar stoofpotje? Kruiden!

Wanneer het buiten kouder wordt, mag het aan tafel gerust wat pittiger worden. Met een stijlvol, maar vooral praktisch kruidenrek weet je als chefkok altijd de juiste smaakmaker te vinden.

De koffieliefhebbers sluiten de maaltijd natuurlijk liefst af met een kopje van hun favoriete drank.

Wil je als keukenprins(es) de orde bewaren? Zorg dan voor een handig opbergsysteem voor alle koffiecups, -pads of -capsules.

En als dessert?

Heerlijk gebak natuurlijk! Niet alleen de stoofpotjes en ovenschotels mogen lekker lang staan pruttelen dit najaar, maar het is ook het uitgelezen moment om weer aan het bakken te slaan. En zo wordt die druilerige herfstdag meteen wat leuker (en zoeter!).  

First things first, een goede chef (of bakker) beschermt z’n outfit natuurlijk met een handige schort. Zo voorkom je vestimentaire rampen. Dat je er ook net wat professioneler uitziet, is natuurlijk mooi meegenomen.

Ben je nog geen ervaren bakker?

Begin dan misschien niet meteen aan een uitdagende taart, maar met iets kleins en overzichtelijk, zoals muffins. Eens je een basisrecept onder de knie hebt, kan je heerlijk variëren, met noten, blauwe bessen, appel ... Zorg wel voor een goede bakvorm, zodat jouw muffins zeker mooi in model blijven. Succes verzekerd!

Het moet natuurlijk ook niet altijd gebak zijn.

Wist je bijvoorbeeld dat je best je eigen granola kunt maken? Begin met 200 g havervlokken, 1,5 el kokosolie of olijfolie, 1 el honing of ahornsiroop en dan nog 200 g van je favoriete noten, zaden, gedroogde vruchten ... Aan jou de keuze! Verdeel het mengsel over een met bakpapier beklede bakplaat en bak alles een half uur in een oven van 160°C. Roer tussendoor even om, zodat zeker alles goed bakt.

Taarten en quiches zijn soms al wat moeilijker, maar als hobbybakker zijn ze natuurlijk een kolfje naar jouw hand.

Welke vorm je gebruikt hangt vooral een beetje af van het recept. Gebruik je een vaster deeg als bodem? Dan kan je gewoon met een dichte vorm aan de slag. Moet je taart nog flink rijzen (zoals een biscuitdeeg)? Kies dan voor een springvorm, zodat je de taart makkelijk kan ontvormen.

De ultieme bakklassieker mag natuurlijk ook niet ontbreken: cake! Onze favoriet voor het najaar is ongetwijfeld appeltaart. Stel je maar eens voor dat die geur je tegemoet komt wanneer je weer thuiskomt na een frisse herfstwandeling. On-weer-staan-baar!

Honger gekregen? Wij verklappen je ons favoriete recept voor appeltaart:

  • Mix 250 g suiker en 4 eigelen. Meng er ook nog 250 g zelfrijzende bloem en 150 g boter onder.
  • Snijd 2 appelen in kleine blokjes en 1 appel in dunne partjes.
  • Vet een cakevorm in en bestrooi lichtjes met bloem. Werk daarna in laagjes: een laagje beslag, gevolgd door een laag van stukjes appel.

Eindig met een laagje deeg en duw daar de overgebleven partjes appel in.

  • Bak je cake zo’n 50 min op 180°C. Check wel even met een satéprikker of hij goed droog is voor je hem uit de oven haalt.

Smullen maar!

 

Sla jij aan het koken deze herfst? Gun ons een blik in jouw keuken op sociale media met de hashtag #CosywithCASA.


 

Kies een winkel
Naar boven

Cookievermelding

CASA maakt gebruik van cookies om je gebruiksgemak te vergroten. Door verder te surfen op onze website, ga je hiermee akkoord. Voor meer informatie kan je onze cookieverklaring bekijken.

Lees meer